arrow_drop_up arrow_drop_down
4 maart 2009 

52 fout of 148 goed? Je focus bepaalt je mate van zelfvertrouwen

De uitslagen van de CITO toets voor kinderen zijn bekend, zo meldde vanochtend het journaal. En de uitslag is hetzelfde als de afgelopen jaren. Hoera, zou je zeggen. En toch is het weer interessant om te zien waar de focus van het bericht lag. En die lag op wat er niet goed gaat in plaats van wat er wel goed gaat.

Want, zo meldde het journaal, van de 200 vragen hadden de leerlingen er gemiddeld 52 fout. En daarmee ligt de nadruk direct op wat een kind fout doet in plaats van op de 148 vragen die GOED zijn beantwoord. Het is een steeds terugkerend fenomeen. Het maakt dat onze focus op negatief is in plaats van op positief.

Het effect? Als je 18 jaar bent heb je gemiddeld 180.000 keer gehoord wat je niet goed doet. Daar staan zo’n 20.000 aanmoedigingen tegenover. En die zijn dan vooral geconcentreerd in de eerste jaren van het leven van een kind. De focus ligt dus ruim negen keer meer op negatief gedrag. En waar je aandacht naar toe gaat, dat ga je meer doen. En dat maakt dat je kinderen leert te kijken naar wat fout gaat in plaats van wat goed gaat. Leve de opbouw van de eigenwaarde! Kortom: focus op wat goed gaat. 148 vragen van de 200 goed gedaan! Hoera en hulde. Niets meer, niets minder…

Reactie plaatsen