50! ZELFVERTROUWENTIPS
Ebook gratis 50 ZelfvertrouwentipsDIRECT GRATIS DOWNLOADEN

Page content

article content

Stoppen met piekeren

Stoppen met piekeren? Stap niet in de valkuilen

Het is indrukwekkend om te zien hoe iemand kan vechten tegen zijn eigen dwanggedachten.  Piekergedachten lijken ongrijpbaar. Mensen die er last van hebben kunnen vaak niets anders doen dan zich er aan overgeven. Ze hebben gemerkt dat het weinig zin heeft tegen hun eigen gedachten te vechten, want wat ze ook doen, hun zorgen blijven maar terugkomen.

“Hoe komt het dat je zo verstrikt kunt raken in dwangmatig piekeren dat je geen kant meer op kunt? Wat hiervan de gevolgen? Wat kun je doen om jezelf hiervan te bevrijden?”

Gelukkig zijn er oplossingen. Allereerst een voorbeeld om een beeld te geven waar we het eigenlijk over hebben.

Stoppen met piekeren voorbeeld #1 agressieve piekergedachten

Manon een 25-jarige winkelverkoopster, gaat gebukt onder haar eigen agressieve piekergedachten. Ze vertelt dat deze gedachten plotseling in haar hoofd opkwamen. Een paar maanden geleden hielp ze in de winkel een klant, en zomaar uit het niets kwam ‘de gedachte’ dat ze klant ‘iets’ had aangedaan.

Ze schrok zich kapot en stond te trillen op haar benen. Ze probeerde de gedachten weg te duwen door tegen zichzelf te zeggen dat het onzin was. Maar de rest van de dag bleef ze terugdenken aan die klant.

Stoppen met piekeren kledingwinkel

Haar ouders probeerde haar gerust te stellen door aan te geven dat ze die vrouw niets had aangedaan en dat ze het uit haar hoofd moest zetten. Vanaf die dag ging het bergafwaarts met Manon.

De agressieve gedachten kwamen alleen maar vaker terug. Hoe meer ze probeerde er niet aan te denken, hoe harder de gedachten terugkwamen. Telkens kwam ze weer terug naar haar ouders die haar continu moesten geruststellen. De angst werd zo groot dat ze zelfs niet meer alleen durfde te slapen. Ze meldde zich aan voor therapie.

Dwangmatig piekeren stoppen

Het voorbeeld van Manon maakt een aantal dingen duidelijk. Ze is verstrikt geraakt in het dwangmatig piekeren en de gevolgen ervan. Ze twijfelt ergens over. ‘Ik heb iemand iets aangedaan’. Daar schikt ze zo erg van dat ze probeert deze gedachte te negeren of weg te drukken. Dat lukt niet. Integendeel de gedachte komt juist steeds vaker terug. Dan slaat de twijfel toe. Ze probeert steeds weer terug te halen, wat er precies gebeurt is.

Wat is piekeren?

Dwangmatig piekeren komt in verschillende gradaties voor. Wie heeft nooit gedacht naar aanleiding van een aanhoudende verkoudheid: Het zal toch niet iets ernstigs zijn? Of als een kind later thuiskwam dan verwacht: Er zal toch niets ernstigs gebeurd zijn?

“Soms kunnen we langere tijd over iets blijven piekeren en twijfelen en vragen we geruststelling aan anderen”

En we kennen ook allemaal wel mensen die uitermate precies zijn in hun huishouding of in hun werk. Dat zijn mensen die veel behoefte hebben aan controle en zekerheid. Bij Manon is het piekeren te ver doorgeslagen. Ze lijdt aan wat hulpverleners noemen een obsessief compulsieve stoornis (een dwangstoornis).

Wat zijn obsessies?

Obsessies (dwanggedachten) zijn ongewenste, telkens weer terugkerende gedachten en beelden. Iemand die er last van heeft ervaart ze als zinloos, ongepast en schokkend en raakt er zeer angstig of gespannen van. Obsessies kunnen over allerlei onplezierige gedachten zoals agressie, besmetting, fouten maken, religie, seksualiteit. Het kan over alles gaan waar jij liever niet aan wilt denken.

Stoppen met piekeren man

Wat zijn compulsies?

Compulsies (dwanghandelingen) zijn activiteiten (mentaal of gedragsmatig) die mensen met obsessies van zichzelf moeten uitvoeren om de angst, spanning en schuldgevoelens die veroorzaakt worden door hun obsessies te verminderen. Manon moest bijvoorbeeld steeds geruststelling vragen om haar angst onder controle te houden.

“Voorbeelden van compulsies zijn bijvoorbeeld: checken en controleren, schoonmaken en wassen, orde en symmetrie handhaven”

Obsessies en compulsies horen bij elkaar en versterken elkaar. Er bestaat vaak een logisch verband tussen de twee. Als jij bijvoorbeeld een dwanggedachte hebt dat je bang bent dat je jezelf iets aandoet met een mes, dan is het logisch dat je alle messen uit het huis haalt om zo jezelf te beschermen. Als je bang bent dat je een ongeneeslijke ziekte oploopt door een ‘vreemd’ toilet aan te raken is het logisch dat je elke keer je handen wast na het plassen.

Obsessies schematisch

In schema ziet het er als volgt uit: Obsessies ( ik krijg een ziekte als ik mijn handen niet was) —- > angst, spanning —– > compulsies (handen wassen, geen vieze plekken aanraken)  —– > opluchting, geruststelling, minder piekeren

De compulsies, dwanghandelingen lijken op de korte termijn een oplossing te bieden voor de onaangename gevoelens, maar op de lange termijn versterken ze juist de dwanggedachten. Je raakt zo gewend aan het uitoefenen van je compulsies, dat je niet meer zonder kunt.

Bevestiging dwanghandeling

De dwanggedachten die aan de dwanghandelingen voorafgaan, worden namelijk steeds bevestigd. Elke keer dat je jouw handen wast, wordt het idee bevestigd dat het maar goed is dat je jouw handen voor de volle honderd procent bacterievrij hebt gemaakt, omdat je anders iemand zou kunnen besmetten. De obsessies blijven gewoon terugkomen en je moet van jezelf elke keer weer die dwanghandelingen uitvoeren om nog gerustgesteld te kunnen worden. Je raakt er verslaafd aan.

Mensen die lijden aan een dwangstoornis schamen zich ervoor. En mensen in hun directe omgeving kunnen zich er vaak niets bij voorstellen. Vaak gaat het gedrag van een ‘dwanger’ ook nog eens gepaard met een lage zelfwaardering. Niet goed voor je zelfvertrouwen dus. Alle reden om eens te overwegen hulp te gaan zoeken. Ken jij ons boek met 50 gratis tips om jouw zelfvertrouwen te vergoten al? Klik en bekijk onze tips hier…

Oorzaken van dwangmatig piekeren

Hoe komt het nu dat de ene persoon erg veel last heeft van een dwangmatige stoornis, terwijl het voor sommigen een totaal onbekend verschijnsel is. Daar zijn twee verklaringen voor: De lichamelijke verklaring en de biologische verklaring.

Stoppen met piekeren aap

De biologische component van dwang

De hersenactiviteit bij personen met een dwangstoornis verschilt duidelijk met die van personen zonder dwangstoornis. In bepaalde delen van de hersenen van mensen met een dwangstoornis blijkt de hersenactiviteit veel groter te zijn.

“Met name in de frontale cortex (het voorste deel van de hersenen) blijkt de hersenactiviteit bij mensen met een dwangstoornis veel groter te zijn. Daar vinden de meer geavanceerde vormen van denken plaats, zoals redeneren en plannen. Hier wordt je geïnformeerd over wat goed of fout is en wat je wel of niet moet doen”

De psychologische component van dwang

Een dwangstoornis ontwikkelt zich niet van de een op de andere dag. Vaak zie je in de voorgeschiedenis al een bepaalde mate van zekerheid en controle in hun leven. Vaak zijn zij ook erg perfectionistisch.

Uit de meeste verhalen van mensen met dwangklachten blijkt dat ze zich van jongs af aan al verantwoordelijk voelen voor alles en iedereen. Ze hebben een zeer streng geweten. Het vermijden van conflicten, zich dienstbaar opstellen en niet voor zichzelf op durven komen, is een tweede natuur geworden.

Mensen met dwangklachten nemen hun obsessies inhoudelijk te serieus. Ze luisteren naar hun eigen dwanggedachten, ze trappen erin. Iemand zonder dwangstoornis wordt ook wel eens geplaagd door een ongepaste gedachte, maar kan deze direct weer van zich afzetten en gewoon weer overgaan tot de orde van de dag. Iemand met een dwangstoornis kan dit niet.

Dwang en het psychologische component

Zo komen we bij het psychologische component van dwang. Mensen met een dwangstoornis proberen hun dwanggedachte weg te drukken, situaties te vermijden die een dwanggedachte kunnen uitlokken en voeren dwanghandelingen uit om de dwanggedachte te neutraliseren.

“De combinatie van het serieus nemen van de eigen dwanggedachten plus het toegeven aan het dwanggedrag, zorgt ervoor dat je gevangen blijft in het dwanggedrag”

We weten dat dwanggedrag de ‘overprikkeling’ in de hersenen in stand houdt. Hierdoor ontstaat een vicieuze cirkel: De hersenen blijven signalen uitzenden dat iets nog ‘niet goed is’ en door het dwanggedrag worden deze signalen nog eens bevestigd en versterkt. Krampachtig proberen fouten te voorkomen en ‘alles goed te maken’, is dus niet de beste oplossing voor dwangklachten.

Dwangmatig piekeren aanpakken

“Onderzoek toont aan dat een gedragsverandering effect heeft op iemands hersenactiviteit en emoties. Een gedragsverandering kun je op twee manieren bereiken: via gedragstherapie of via medicatie”

Via gedragstherapie kan een therapeut de overprikkeling in bepaalde delen van de hersenen tot rust brengen, zodat een ‘dwanger’ minder last heeft van piekeren en minder bang is dat er door zijn schuld allerlei rampen ontstaan.

Met medicijnen kan hetzelfde effect bereikt worden. Vaak is de combinatie van gedragstherapie en medicijnen voor mensen met een dwangstoornis het meest aan te bevelen, omdat er dan tegelijkertijd aan de biologische en psychologische oorzaken wordt gewerkt.

Stoppen met piekeren Amsterdam

Valkuilen bij het dwangmatig piekeren.

Wil jij je dwangmatig piekeren tegen gaan? Dan sta je voor een moeilijke opgave. Je moet leren tegen je angst- en schuldgevoelens in te gaan en er niet aan toe te geven. Als je geleerd hebt dat geruststelling vragen en controleren even opluchting geeft, dan is het best begrijpelijk dat je dit gedrag niet zomaar opgeeft.

Vergelijk het eens met wat een alcoholverslaafde meemaakt als die aan het afkicken is. De zucht naar alcohol is niet zomaar weg. Voor mensen die dwangmatig piekeren geldt hetzelfde. Ze mogen niet langer meer toegeven aan wat hun dwanggedachten en angst van hen vragen.

Stoppen met piekeren voorbeeld #2 de jeukende wond vergelijking

In therapie wordt vaak de ‘jeukende wond- vergelijking’ gemaakt. Bij een wond die jeukt heb je grote neiging om eraan te krabben zodat de jeuk verdwijnt. Je weet dat je je dan heel even beter voelt, omdat het gevoel weg is, maar tegelijkertijd houd je de wond open en vergroot je de kans op infecties. De wond geneest niet.

Zo werkt het ook met dwangmatig piekeren. Elke keer als je ergens over piekert en je schuldig of angstig voelt, krijg je de behoefte om geruststelling te vragen of te controleren. Dit zorgt voor een tijdelijk effect, maar zorgt er ook voor dat het dwangmatig piekeren blijft. De wond blijft open.

Stoppen met piekeren? Drie valkuilen!

We bespreken een aantal valkuilen bij dwangmatig piekeren. Informatie hierover voorkomt dat je erdoor misleid wordt. Fred Sterk en Sjoerd Swaen noemen in hun boek, Ruimte voor jezelf, ook deze drie valkuilen.

Stoppen met piekeren valkuil #1: Ik moet obsessies wegdrukken

Gedachten verbieden of uitbannen is een belangrijke valkuil, omdat je er juist het tegenovergestelde mee bereikt.

“Meestal komen de gedachten die je probeert te verbieden juist twee keer zo hard terug”

Van dit verschijnsel bestaat een bekend  experiment om dit te toetsen. ‘het experiment van de roze olifant’. Probeer de volgende drie minuten maar eens niet aan een roze olifant te denken. Je zult merken dat het onmogelijk is de gedachte aan een roze olifant weg te krijgen.

Zo werkt het ook met dwanggedachten. Kun je nagaan hoe moeilijk het zal zijn voor jou om gedachten die voor jou veel kwalijker zijn, uit je hoofd te krijgen.

“Het wegdrukken van een obsessie zorgt er juist voor dat je er meer en vaker last van krijgt”

Je kunt beter proberen een dwanggedachte eerst toe te laten en hem dan eventueel te laten ‘voorbijgaan’. Probeer er eens vanaf een afstandje naar te kijken en tegen jezelf te zeggen: ‘Daar heb je die dwanggedachte weer, het is alleen maar een gedachte, ik trek me er niets van aan. Laat die gedachte maar komen. ’ Een dwanggedachte toelaten is namelijk niet hetzelfde als de wens uitvoeren waar je aan denkt.

Het bovenstaande experiment is er in verschillende varianten, zoals het experiment van de witte beer of de gele auto’. Het principe is hetzelfde.

Stoppen met piekeren valkuil #2: Denken staat gelijk aan doen

Obsessies zijn vaak misleidend en verwarrend. Het lijkt of het echt waar is wat je denkt en dat echt gebeurd is of zal gebeuren waar je bang voor bent. Manon uit voorbeeld 1 kan honderd keer gedacht hebben dat zij die klant iets heeft aangedaan en ook honderd keer om geruststelling hebben gevraagd aan haar ouders.

Steeds zal weer blijken dat zij die klant niets heeft aangedaan. Hieruit kunnen we opmaken dat denken niet gelijk staat aan doen. Aan iets ‘verkeerds’ denken wil dus niet zeggen dat je echt iets verkeerds doet of wilt doen.

“Tussen denken en doen loopt een hele brede scheidslijn. Blijf dat altijd in je achterhoofd houden”

Stoppen met piekeren voorbeeld #3 Niet naar handelen

Een psycholoog gebruikte ooit het volgende voorbeeld. Iemand die seksuele gevoelens heeft voor minderjarige kinderen en daar ontzettend van schrikt, mag daar net zo veel aan denken als hij wil, zolang hij er maar niet naar handelt.

Het deel van onze hersenen dat op overleven is gericht, houdt ons echter waakzaam voor gevaar. Dit betekent dat we eerst allerlei negatieve en ‘rare’ dingen moeten denken voordat we kunnen besluiten ze niet uit te voeren. In bovenstaand voorbeeld werkt dit als volgt.

Stap 1 Een ouder persoon die seksuele gevoelens heeft voor een minderjarig persoon zal denken: Als ik dicht in de buurt kom van een minderjarig persoon dan zal ik proberen fysiek contact te maken.

Vervolgens komt stap 2 Hij/zij distantieert zich van die gedachte en besluit er niet naar te handelen, door fysiek afstand te behouden. Mensen die dwangmatig piekeren schrikken echter zo erg van de eerste gedachte uit stap 1, dat ze niet meer aan stap 2 toekomen. Ze blijven gevangen in de angst dat ze de ‘rare’ gedachte uit stap 1 zullen uitvoeren.

Stoppen met piekeren Hangmat

Stoppen met piekeren valkuil #3: Als ik een schuldgevoel heb ben ik schuldig

Deze valkuil sluit aan bij de vorige: Je denkt: ik voel me schuldig dus ik ben ook schuldig! Je neemt je schuldgevoel als bewijs voor je eigen ‘slechtheid’. In plaats van rustig en van een afstand te bekijken of je schuldgevoel terecht is.

“Mensen met een dwangstoornis hebben altijd een geldige reden om nog eens extra naar hun schuldgevoel te kijken, vaak als gevolg van een verkeerd signaal”

Zodra je geconfronteerd met signalen uit je brein die te maken hebben met dwanggedachten, kun je proberen deze naast je neer te leggen. Dan zeg je tegen jezelf: Bedankt voor dit bericht, maar ik weet dat dit alleen maar om een dwanggedachte gaat.

De persoon die last heeft van de dwanggedachte ‘ik ga straks seksueel contact aan met minderjarige kinderen’ zou dan tegen zichzelf kunnen zeggen. ‘Bedankt brein dat je met deze gedachte komt, maar ik besluit hier niets mee te doen.’

Stoppen met piekeren Stappenplan

Toen nu toe hebben wij het gehad over piekergedachten. Hoe ze ontstaan en met welke valkuilen je te maken krijgt. Hieronder, tijdens de rest van dit artikel bespreken we een stappenplan om je piekergedachten de baas te zijn. Het is fijn als je er even een pen en een stuk papier bij kunt pakken.

Stoppen met piekeren Stappenplan

Gratis Stappenplan: Stoppen met piekeren

Het gedragstherapeutisch stappenplan van Sjoerd Sterk en Fred Swaen uit hun boek Ruimte voor jezelf bestaat uit twee onderdelen. Ordening en stapsgewijze confrontatie. Doorloop deze stappen in de juiste volgorde. Eerst moet je je obsessies en dwanghandelingen leren ordenen om het probleem hanteerbaar te maken. Pas als je overzicht en inzicht krijgt in je dwangklachten, neem je de volgende stap. Stapsgewijze confrontatie.

Stap 1 Orde in de chaos.

Onderstaande ordening is op elke gedachte toe te passen. We beginnen de ordening met een aantal vragen. Beantwoord deze schriftelijk.

We pakken nog eens het voorbeeld uit de eerste alinea erbij Dwangmatig piekeren: Trap niet in de valkuilen. Manon kwam aan bod. Zij had de angst dat ze een klant in haar winkel iets zou hebben aangedaan.

  1. Wat is je angst (wat is je obsessie)?
  2. Welke situaties ga je uit de weg om te voorkomen dat je gespannen wordt?
  3. Wat doe je om rustiger te worden?

Manon:

  1. Wat is je angst (wat is je obsessie)?

Ik ben bang dat ik iemand plotseling naar de keel grijp en hem of haar doodt.

  1. Welke situaties ga je uit de weg om te voorkomen dat je gespannen wordt?

Ik besluit minder uren in de winkel te gaan werken en vaker op de fiets naar mijn werk te gaan omdat ik het met de auto te eng vindt. Daar ben ik te gespannen voor.

  1. Wat doe je om rustiger te worden?

Ik vraag telkens aan de mensen die ik vertrouw of ik niemand iets heb aangedaan. Ik kijk bijvoorbeeld telkens op de klok hoeveel tijd er is voorbij gegaan en wat ik in die tijd heb gedaan.

Vraag 1 gaat over de kern van je angst. Deze dien je te benoemen en te beschrijven. Vraag 2 en 3 gaan over vermijdingsgedrag. Vraag 2 gaat over passief vermijdingsgedrag. Dat zijn de dingen die niet meer doet om te voorkomen dat je obsessie wordt opgeroepen, zoals minder werken en niet meer met de auto naar het werk.

Vraag 3 gaat over actieve vermijding. Dat zijn de dingen die je doet om (tijdelijk) rustiger en minder angstig te worden. Laten we nog eens een ander voorbeeld erbij pakken.

Stoppen met piekeren voorbeeld 3#: Dwangmatig handen wassen

Jos heeft al jaren last van smetvrees. Hij moet elke keer zijn lichaam met zeep wassen als hij in aanraking komt met bepaalde voorwerpen, eten of vloeistoffen. Daarbij gebruikt hij een bepaald tel ritueel. Hij moet bijvoorbeeld vier keer zijn handen wassen of vier keer douchen.

dwangmatig handen wassen

Als hij zich iets minder vies voelt is twee keer ook genoeg. Zolang het maar een even getal in het aantal keer handen wassen. Als hij zich erg vies voelt wast hij zijn handen zes keer.

Wanneer hij om wat voor reden dan ook niet in staat is om zijn handen te wassen of om zich te douchen, bijvoorbeeld omdat zijn moeder het weigert dan sluit hij zich de rest van de dag af van de buitenwereld. Hij is bang om mensen te besmetten met zijn viezigheid en dat hij ze vervolgens iets aan gaat doen.

Laten we de vragen weer doorlopen:

  1. Wat is je angst (wat is je obsessie)?
  2. Welke situaties ga je uit de weg om te voorkomen dat je gespannen wordt?
  3. Wat doe je om rustiger te worden?

Jos:

  1. Wat is je angst (wat is je obsessie)?

Jos is bang dat hij andere mensen besmet als hij zich smerig voelt en ze iets aandoet als dat daadwerkelijk gebeurt.

  1. Welke situaties ga je uit de weg om te voorkomen dat je gespannen wordt?

Hij probeert zoveel mogelijk voorwerpen, vloeistoffen of etensresten die hij smerig vindt te vermijden. Als dit toch gebeurt vermijdt hij andere mensen zodat hij ze niet kan besmetten met zijn viezigheid.

  1. Wat doe je om rustiger te worden?

Hij doucht zich of gaat zijn handen wassen volgens een bepaald ritueel. Hierdoor wordt hij rustiger. Als hij hier de kans niet toe krijgt, sluit hij zich op in zijn huis.

Doelen

Nadat je bovenstaande vragen hebt beantwoord, kun je de volgende vraag aan jezelf stellen: ‘wat wil ik bereiken?’ Beantwoordt deze vraag zo specifiek mogelijk. Geef duidelijk aan welke dingen je weer wilt gaan doen.

In het voorbeeld van Manon zou dat kunnen zijn: Ik wil weer meer uren gaan werken, want ik heb het geld nodig. En ik wil weer met de auto naar het werk want dat scheelt mij tijd.

Stap 2: Stapsgewijze confrontatie

Maak een lijst van situaties die je vermijdt. (gebruik hiervoor de antwoorden op vraag 2) Geef per situatie aan hoe groot de angst/spanning zou zijn als je de confrontatie met die situatie aan zou gaan zonder achteraf een dwanghandeling uit te voeren.

“Die angst/spanning kun je uitdrukken in een cijfer (0-100). Hoe hoger het cijfer, hoe hoger de angst/spanning. 0 betekent geen angst of spanning. 100 betekent veel angst/spanning/paniek”

Voorbeeld. Jos stelde de volgende lijst samen:

Ik raak de wc-bril aan en wil nu mijn handen wassen. In plaats van dat ik dit twee keer doe, doe ik dit een keer. (spanning 30)

Ik raak een bord met etensresten aan en er vallen resten over mijn arm. Ik ga me nu niet douchen, maar veeg de vlekken af met een doekje (spanning (40).

Stoppen met piekeren? Stapsgewijze confrontatie

Stapsgewijze confrontatie houdt in dat je de situatie die de minste spanning of angst oproept dagelijks gaat oefenen. Net zolang totdat de angst/spanning vermindert. Het is per situatie verschillend hoe lang het jou duurt voordat de spanning afneemt.

Bij de ene situatie gaat het sneller dan je had verwacht en bij de andere situatie duurt het weer veel langer. Probeer dit voor jezelf in kaart te brengen. Probeer een soort afbouwschema voor jezelf op te stellen.

“Realiseer je ook dat dit oefenprogramma zeker niet makkelijk is. Je gaat proberen de dagelijkse controle en routines in je leven te doorbreken”

Kijk nog eens naar de valkuilen in het vorige artikel over dwang. Beloon jezelf iedere keer na het oefenen. Bedenk elke keer weer dat oefenen inhoudt dat je angsten moet doorstaan. Zonder enige mate van angst is de oefening niet erg zinvol.

“Om de angsten beter te doorstaan kun je afleiding gaan zoeken. Ga bijvoorbeeld een stuk lopen, fietsen of probeer mensen te spreken. Doe iets waarbij je geen bovenmatige inspanningen hoeft te doen”

Laat je niet afschrikken als je merkt dat je zo nu en dan terugvalt in je oude dwangpatroon. Het stappenplan voer je uit met vallen en opstaan.

Op het moment dat je merkt dat je oefeningen resultaat beginnen op te leveren, ga je merken dat dit je zelfvertrouwen flink laat toenemen. Je krijgt weer controle over je leven, kunt je focus leggen op andere dingen in het leven en daarmee je doelen nastreven!

Samenvatting van ons ‘Stoppen met piekeren’ artikel

Mensen die dwangmatig piekeren moeten leren tegen hun eigen angst-en schuldgevoelens in te gaan en er niet aan toe te geven. Gedachten verbieden of uitbannen is een belangrijke valkuil omdat je juist het tegenovergestelde er mee bereikt.

“Aan iets verkeerds denken wil dus niet zeggen dat je iets verkeerds doet of wilt doen. Tussen denken en doen zit een groot verschil”

Heb jij last van dwangmatig piekeren? En bepaalt het een groot deel van je leven? Dan is het verstandig om het stappenplan uit dit artikel te volgen en er dagelijks mee te oefenen. Het stappenplan bestaat uit twee onderdelen. Ordening en stapsgewijze confrontatie.

Wil je echt werken aan jouw zelfvertrouwen? Klik op deze link en bekijk onze 50 unieke tips…

Lukt het jou na lang oefenen niet om voldoende resultaat te boeken, probeer dan eens hulp in te schakelen bij een therapeut of psycholoog.

Bron: Sterk, F & Swaen, S, Ruimte voor jezelf (2010) P122-130. Utrecht/Antwerpen. Kosmos Uitgevers.

Comment Section

0 reacties op “Stoppen met piekeren

Plaats een reactie